Verschenen zijn de volgende bundels:
Info over de bundels:
(Klik op de bundel om Schaduwvechter direct in te zien en enkele gedichten te lezen.)
Dichter Sieger M.G. bezong in De tonen van replica en in Straatvluchter de gangen van het stadse labyrint. Hij noemde graffiti de ultieme liefdesverklaring en kleurrijke neonreclame de onontkoombare poëzie voor de nachtelijke dwaler.
In Schaduwvechter gebruikt Sieger M.G. een donker middeleeuws palet. De ongrijpbare hoofse liefde, die opbloeit waar het slagveld begint, wordt door hem laag over laag gemaskeerd met verschillende tinten omber. Hij kan echter niet voorkomen dat ze met fel rood-oranje accenten blijft doorbreken. De witte vlag wordt niet gehesen, niemand wordt gespaard. De dichter ‘verheft stem’. Woord wordt wapengekletter.
Ontsnapping uit de stad is een vlucht met een boot over gedempte kanalen. Sleurend met de lorrie over rails naar onbekende stations in de verte. In vogelvlucht over hoge torens. Dan loskomen voor een nieuwe benadering.
In de aarzelende schemering blijkt de polariteit tussen licht en duisternis opgeheven. De wereld is een film-noir, de maan een toverlantaarn en op de muren dansen de schaduwen hun schimmenspel. De dichter speelt alle rollen. De idee is poëzie. Eindelijk is de steeg de grot geworden. Het is tijd om weer te lopen, de nacht in, de ochtend tegemoet.
Schaduwvechter is een galaxy aan gevoelens. De dichter beukt ermee tegen ingeslapen emoties. Doet de palissaden rondom de geest wankelen. Houdt zich echter op tijd in, want ook hij wil zich blijven koesteren aan het warmte uitstralende middelpunt; Het Leven.
Extra informatie:
Aantal pagina's: 96
Verschenen: Juni 2006
ISBN 90-5452-150-3
Uitgeverij Passage
© 2006 Groningen.
Natuur en stad, van asfaltbeton naar zandpad. Stapvoets van dorp over heuvelrug waar de schaduwen van zware gebouwen vallen, merktekens prijken en geuren van graffitinevels even doen denken aan het beste parfum: Vreemde gassen uit ronkende beesten, witte markeringen, rubbersporen, reclameslogans, de heksenketel, kathedraal van waanzin met besluit, de kermis, de trein, de snelheid, de filosofie, ons weten, ons hart klopt in de keel. Lang leve de rappe vaart!
Daar ren je, alleen, tussen twee vlakken. Ren straatvluchter! Ren!
Dichter en mediakunstenaar Sieger M. Geertsma (1979) komt nu, naast verschillende publicaties in bloemlezingen en optredens in kunst & poëzieland, met zijn debuut Straatvluchter.
Voor zijn poëzie kom je bijna ogen en oren tekort. Straatvluchter biedt een filmisch beeld van de wereld, een wereld die in taal wordt gedemonteerd en vervolgens met verrassende inzichten in elkaar wordt gezet.
Extra informatie:
Aantal pagina's: 96
Verschenen: November 2002
ISBN 90-5452-096-5
Uitgeverij Passage
© 2002 Groningen.
In de poëzie van Sieger Geertsma (1979) krijgt de stadse geest gestalte door de voeding van een rijk achterland. De stad is altijd aanwezig en schept een wereldwijde cultuur. Maar: "Het leven staat niet stil, hoor je het eten het heien, het lopen van het asfalt, het rotten van beton". De natuur niet veronachtzamend wordt de stadsmens ontleed met kennis over honderdduizend jaren oude vuistbijlculturen en de high-tech-machine bij uitstek; de computer. Beide aanwezig in het morfologische werkveld van de dichter. Liefde blijkt een archetype, zintuigen ervaren echter nieuwe gevoelens, nieuwe kleuren en geuren. Mengen deze met de oude. "Mixen de foetus ". Zorgen voor een op de eigen tijd gerichte tune-in".
Door de aangelegde kier in de atmosfeer van de kleine grote bol lonkt de kosmos: Het Oneindige. De maan, op millimeter afstand nog maar nauwelijks aangeraakt, staan we nog steeds voor het grootste mysterie: De Toekomst. Daar lag ooit elke geboorte. Ook die van het prototype.
De wetenschap regeert, creëert replica's, klonen en laat gestorvenen diepgevroren hun celstructuur niet ontbinden. Verzegeld in de "Kryo-kamer", ook genoemd "Het Ei der Dwazen". Om later (reeds volwassen) herboren te worden voor de in ontvangstneming van de onsterfelijkheid (met als het kan) met behoud van Het Weten. Kan dat niet, dan moet er opnieuw worden begonnen, immers de mens: "In wezen zijn wij naamlozen want alleen wij geven het een naam".
De dichter uit het graffiti / hiphoptijdperk, met een voorkeur voor Japanse Manga-kunst, bekijkt zijn wereld elke dag opnieuw en verbaast zich keer op keer, maar laat zich de kop niet gek maken, zoekt eeuwige waarden en vindt ze ook. En wil ze meenemen, want: "Beschaving is een beweging, geen feit. Een reis, geen haven".
K.G.
Extra informatie:
Aantal pagina's: 64
Verschenen: 1999
ISBN: 90-804793-1-4dd
Graphic Wonder Products Groningen.
Druk: Zeefdrukkerij Chambon
© 1999 Groningen.
Een uitleg bij de titel van de bundel:
‘Niets wordt geschapen, maar het wordt slechts omgevormd.'
Een voetnoot bij de titel: De Tonen van Replica
(Lees: Prototype Replica I en II.)
Alles bestaat omdat het eerder heeft bestaan en geen ontwikkeling of verworvenheid gaat ooit verloren, maar blijft afgedrukt op het astrale licht of akasa dat als een soort geheugen van de natuur werkt. H.P. Blavatsky zegt het als volgt: ‘de geestelijke oervormen van alle dingen bestaan in de onstoffelijke wereld voordat deze dingen zich op aarde materialiseren.’
Alles wat is, was en zal zijn, IS eeuwig, zelfs de ontelbare vormen, die alleen eindig en vergankelijk zijn in hun objectieve, maar niet in hun ideële vorm. Ze bestonden als ideeën in de eeuwigheid en wanneer ze heengaan, zullen ze als weerspiegelingen blijven bestaan. Noch de vorm van de mens, noch die van een dier, plant of steen is ooit geschapen, en pas op ons gebied begon deze vorm te ‘worden’, d.w.z. zich te objectiveren tot zijn huidige mate van stoffelijkheid, of zich van binnen naar buiten uit te breiden, van de meest verfijnde en bovenzinnelijke essentie tot zijn meest grove verschijning. Onze menselijke vormen hebben daarom in de eeuwigheid bestaan als astrale of etherische prototypen; . . .11
Met andere woorden, wanneer de evolutiecyclus op een bepaalde planeet eindigt, blijven alle evolutionaire vormen en wegen als ‘weerspiegelingen’ afgedrukt op de hogere gebieden. Wanneer de volgende periode van activiteit aanbreekt, zullen deze herinneringen of levenszaden weer worden gewekt en geactiveerd, en verschaffen de prototypen en blauwdruk voor de nieuwe evolutiecyclus. Alle dingen bouwen daarom voortdurend voort op wat in het verleden werd bereikt; wij volgen de voetstappen van wat eerder is geweest.
Er is nooit een tijd geweest dat er niets was. Ons westerse verstand is geneigd om deze gedachte nogal afschrikwekkend te vinden en geeft er de voorkeur aan om tenminste een absoluut begin aan te nemen, waarvoor niets bestond en waarop het heelal uit niets tot aanzijn kwam. Maar de gedachte dat iets wordt geschapen uit een letterlijk niets is een onlogisch bedenksel: ‘de Occulte leer zegt, ‘Niets wordt geschapen, maar het wordt slechts omgevormd. Niets kan zich in dit heelal manifesteren – van een hemellichaam tot een vage, snelle gedachte – wat niet al in het heelal aanwezig was; . . .’’12 Het bestaan van evolutieplannen en prototypen betekent echter in geen geval dat alles onbuigzaam is voorbeschikt, want hoewel de hogere gebieden van de werkelijkheid de lagere helpen te coördineren, behouden de lagere gebieden een mate van autonomie en creatieve vrijheid en wijzigt het plan zelf zich door iedere evolutiecyclus.
Alles in onze hiërarchie van werelden komt voort uit dezelfde goddelijke bron en is voorbestemd om in de voleinding van de tijd daarin terug te keren, om gedurende talloze aeonen te rusten voor weer verder te gaan op een evolutionaire pelgrimstocht als deel van nog hogere werelden. Evolutie is een fundamentele gewoonte van de natuur en voltrekt zich in cyclische perioden van activiteit en rust, in een nooiteindigende, altijd stijgende spiraal van vooruitgang, waarin altijd nieuwe en grotere ervaringsgebieden bestaan om zelfbewuste meesters van het leven te worden.
'Als evolutie bestaat, dan zijn wij slechts protypen, replica's.'
We zijn in die zin replica's, omdat de vorm vast ligt door het gegeven patroon, een replica is geen perfecte kopie. Een kopie draagt niet bij aan variëteit. Het is een op zich zelf staand model, dan wel uitgerust met alle eigenschappen van het origineel maar met eigen individuele krachten.
In mijn ogen - zo is alles dat zich in de tastbare werkelijkheid manifesteert een prototype, voor wat nog moet komen - in die zin veranderlijk en vooruitstrevend - Een model geschapen voor de tijd en uitgerust om externe en innerlijke complexe veranderingen te doorstaan en te verwerken in een nog beter model: de volgende geboorte.
De tonen? - Ik zou zeggen ' tune in!' We kunnen niet anders - we doen niet anders. We zijn dan wel los van de navelstreng die ons verbond met het eerste leven - onze moeder - toch blijven we onlosmakelijk verbonden met de kosmos, de morfische velden en het geheugen van de natuur.
Bronnen
http://www.theosofie.net/sunrise/sunrise1992/novdec1992/sheldrake1.html
11 - H.P. Blavatsky, De Geheime Leer 1:88, 309.
12 - Idem, 1:629.
|
|